Moppen II
Twee konijntjes en een egeltje zitten 's avonds langs de kant van de
weg. Vraagt het egeltje: "Hoe komt dat nou? Je ziet altijd platgereden
egeltjes op de weg liggen, maar nooit een platgereden konijn." "Dat zal
ik je uitleggen," zegt het konijn: "Wij hebben een goede methode. Als
wij de weg overstekken en we zien twee grote koplampen aankomen, gaan we
precies in het midden zitten. Als de koplampen dichtbij zijn, dan bukken
we, en dan kunnen we daarna gewoon weer doorlopen. Maar ik zal het wel
even laten zien." Het konijn loopt de weg op. Er komen twee koplampen
aan. Het konijn gaat in het midden zitten, bukt, en komt even later weer
teruglopen: "Zie je wel. Niks an." "Dat wil ik ook eens proberen," zegt
het egeltje. Het egeltje loopt de weg op. Er komen twee koplampen aan,
en het egeltje gaat precies in het midden zitten. Hij bukt... en wordt
finaal platgereden. Zegt het ene konijn tegen het andere: "Zie je niet
vaak meer, hé, zo'n driewieler..."
Een dronken man probeert met een sigaret zijn autoportier open te maken.
Een voorbijganger ziet het en zegt: "Dat is een sigaret, hoor, waarmee u
die portier probeert open te maken." "Verrek," zegt de dronken man, "dan
heb ik net mijn sleutels opgerookt!"
We schrijven het jaar 1920, in het Chicago van de maffia. Don Petro, de
grootste maffiabaas roept zijn oudste zoon Luigi bij zich. "Luigi," zegt
Don Pedro, "jij bent nu 18 jaar geworden. Nu isse traditie in de familie
dat jij de pistolen krijgt." "Maar papa," zegt Luigi, "ik wil helemaal
geen pistolen." "Isse traditie!" valt zijn vader uit: "Ikke krege die
pistolen van mijn vader, hij van zijn vader enzovoort." "Maar ik wil
geen pistolen," zegt Luigi weer, "ik heb liever een horloge." "Wat? Nou
moete jij eens goed luisteren," zegt Don Pedro: "Ik ga jou wat vertelle.
Jij hebbe nu verkering met Maria. Over een tijdje ga jij met haar
trouwen. Op een dag kom jij thuis. Maria is niet in de woonkamer, Maria
is niet in de gang, niet op de trap. Zij ligt in de slaapkamer, in bed
met jouw beste vriend Mario. Wat ga jij dan zeggen: Je tijd is om?"
Een vader vertelt aan zijn zoon over Sinterklaas. Zegt-ie: "Ach, schei
toch uit met je Sinterklaas. Ik heb alles gevonden in de kelder: het
kostuum, een baard en die staf. Ik geloof allang niet meer in
Sinterklaas. En," zegt-ie, "nou we toch kerels onder elkaar zijn, met
die ooievaar kan je ook wel inpakken." Zegt z'n vader: "O ja, weet je
dan hoe 't wel gaat?" "Ja," zegt-ie, "kinderen worden geboren. En ik zal
net zo lang zoeken tot ik die boor ook gevonden heb."
Er rijdt een man over de snelweg. Hij rijdt zo'n 140, 150 kilometer per
uur. Hij wordt opgemerkt door een politie Porsche die de achtervolging
inzet. De man gaat steeds harder rijden: 170, 180, 190 kilometer per
uur. Maar uiteindelijk wordt hij door de politie klem gereden. "Waarom
rijdt u zo hard?" vraagt de politieagent. "Tja," zegt de man: "Vorige
week is mijn vrouw er vandoor gegaan met een politieagent. En nou was ik
als de dood dat je haar terug kwam brengen."
Moos is met wintersport en raakt bedolven onder een lawine. Meteen gaat
een reddingsploeg op pad om hem te redden, maar Moos is moeilijk te
vinden. Er wordt een helicopter ingezet, en eindelijk zien ze Moos
liggen. De reddingsploeg gaat naar hem toe, maar het laatste stuk is
slecht begaanbaar. Vanuit de verte roepen ze Moos toe: "Meneer Cohen,
meneer Cohen, hier is het Rode Kruis, we komen eraan." Roept Moos terug:
"Ik heb vorige week al gegeven."
Een mannetje heeft in de kroeg een stevig stuk in zijn kraag zitten
zuipen. Als hij naar buiten stapt, heeft het flink geregend: het asfalt
glimt van het water. "Verdomme," zegt de man, "nou moet ik nog een
rivier overzwemmen ook." Hij neemt een aanloop en maakt een duik. Hij
komt keihard op het asfalt terecht. "Krijg de pest," roept hij: "Het
heeft nog gevroren ook!"
Een vrouw heeft een chiwawa. Op de rug van het hondje groeit maar steeds
een rare pluim. Hoe vaak de vrouw de pluim ook afknipt, hij blijft even
hard weer terugkomen. Dan gaat de vrouw naar de drogist voor
ontharingscréme. De drogist geeft haar een potje en zegt dat ze na het
opsmeren een paar uur haar armen niet omlaag mag doen. "O, maar het is
niet voor mijn oksels," zegt de vrouw: "Het is voor mijn chiwawa." "In
dat geval," zegt de drogist, "mag u een week niet fietsen."
Een man ligt op de stoel bij de tandarts. De tandarts kijkt in zijn mond
en ziet een enorme rotte kies. De tandarts zegt: "Wat een gat, wat een
gat, wat een gat." De patiënt vraagt: "Waarom zegt u dat drie keer?"
Zegt de tandarts: "Dat doe ik niet. Dat was de echo."
Roept een man in een restaurant: "Ober, wat doet die vlieg in m'n soep?"
Zegt de ober: "Rugzwemmen meneer."
Er komt een man bij de psychiater en klaagt: "Mijn vrouw denkt dat ze
een piano is." Zegt de psychiater: "Dan moet u de volgende keer uw vrouw
eens meenemen." Zegt de man: "Ik ben daar gek! Weet u wel wat het kost
om zo'n ding te vervoeren?"
Een man zit 's ochtends vroeg in de trein. Zit er een dinosaurus
tegenover hem. De man zit zo lang naar de dinosaurus te staren, dat de
dinosaurus vraagt: "Heb ik soms wat van je an?" "Nee," zegt de man,
"maar dat zie je toch niet vaak: een dinosaurus in de trein?" Zegt de
dinosaurus: "Zal je niet meer zien ook, want morgen is mijn brommer weer
klaar."
Vrouw komt bij de dokter en geeft hem haar plasje. Zegt die dokter: "U
woont hier lekker dichtbij." Zegt ze: "Hoe weet u dat, dokter?" Zegt-ie:
"Je plasje is nog lekker warm."
Een man gaat in Tiel naar een gebedsdienst van Jomanda. Hij woont een
groot deel van de dienst bij, en gaat weer naar buiten. Buiten
aangekomen, hoort Jomanda de man roepen: "Ik kan weer lopen, ik kan weer
lopen." Jomanda holt naar buiten en vraagt: "Heeft mijn gebed zo snel
geholpen?" "Nee," zegt de man, "mijn fiets is gejat."
Er komt een man bij de pastoor en vraagt: "Spelen ze in de hemel ook
voetbal?" "Dat weet ik niet," zegt de pastoor: "Ik heb vandaag pas de
brochure aangevraagd. Kom over een week nog eens terug." De man komt een
week later terug en vraagt: "En pastoor, weet u het al?" "Ja," zegt de
pastoor: "Ik heb goed nieuws en ik heb slecht nieuws. Het goede nieuws
is: er wordt inderdaad voetbal gespeeld in de hemel. Maar het slechte
nieuws is: je staat volgende week opgesteld."
Er is een man met een Bijbelwinkel, en die zoekt iemand om Bijbels huis
aan huis te verkopen. Dus hij plakt een bord op de etalageruit: gezocht:
huis aan huis bijbelverkoper. Komt er een man binnen, en die zegt: "Ikkkkk
zou graag bbbbijbels verkkkkopen." Zegt de winkelier: "Maar meneer, met
uw spraakgebrek, zou u dat nu wel doen?" "Ikkkkk zou ttttoch graag een
kkkkans kkkkkrijgen." "Nou ja," zegt de winkelier, "ik wil iedereen een
kans geven, dus dan geef ik u ook een kans.
Komt u maandag maar terug om negen uur." De stotteraar komt terug op
maandagochtend, en krijgt een flinke partij Bijbels mee. Om twaalf uur
komt hij terug: alle Bijbels verkocht. Hij vraagt om een nieuw pakket.
Om vier uur komt hij weer terug: weer alle Bijbels verkocht. En weer
vraagt hij om een nieuw pakket. "Dat is best," zegt de winkelier, "maar
nu wil ik eerst eens horen hoe je het 'm lapt. Je hebt zo'n formidabele
hoeveelheid Bijbels verkocht!" Zegt de man: "Gggggewoon. Ikkkkk bbbbbel
aan. Er ddddoet iemand open. En dddddan vraag ik:`Wwwwwilt u een
Bbbbbijbel kkkkkopen? Of mmmmmoet ik 'm voorlezen?'"
Er komt een man een café binnen en bestelt vier borreltjes tegelijk. Als
hij dit een paar dagen achter elkaar heeft gedaan, wordt de barman
nieuwsgierig. Op een gegeven moment vraagt hij: "Waarom bestelt u toch
steeds vier borreltjes?" De man zegt: "Drie broers van mij wonen in
Australië. En we hadden afgesproken om elke dag om vijf uur een
borreltje te gaan drinken. Gezellig toch?" De barman moet dit beamen. Op
een dag bestelt de man drie borreltjes. De barkeeper vraagt: "Is er wat
gebeurd met uw broer?" "Nee," zegt de man, "maar ik mag niet meer
drinken van de dokter."
Ik werd laatst met mijn auto aangehouden op de Coolsingel. Vraagt die
agent: "Meneer, heeft u gedronken?" Ik zeg: "Wat zegt u, ober?" Foutje
natuurlijk, dus die agent vraagt nogmaals of ik gedronken heb. Ik zeg:
"Een biertje of dertig, een paar whisky's en een paar glazen wijn." Zegt
die agent: "Dan moet u toch even blazen." Ik zeg: "Hoezo? Geloof je me
niet?"
Er zit een jongen bij de keuringsarts voor militaire dienst. De arts
vraagt de jongen wat hij in militaire dienst wil gaan doen. "Ik wil
graag generaal worden," zegt de jongen. "Ben je gek?" zegt de arts. Zegt
de jongen: "Is dat vereist dan?"
Er komt een prostituée bij de hemelpoort. Petrus vraagt wat ze vroeger
geweest is. De hoer bekent dat ze prostituée is geweest. "Dan mag je
hier niet naar binnen," zegt Petrus, "ga daar maar even op het bankje
zitten." De vrouw gaat op het bankje zitten huilen. Komt er een oud
baasje bij de hemelpoort met een enorme zak op zijn rug. Hij loopt naar
het huilende vrouwtje op het bankje en vraagt wat er aan scheelt. Ze
legt uit: "Ik ben vroeger prostituée geweest, en nu mag ik niet naar
binnen." "Is dat het?", zegt de man: "Ik ben kleermaker geweest. Weet je
wat. Ik heb een zak met oude kleren op mijn rug. We gooien de kleren
eruit, en jij gaat in die zak zitten. Dan smokkel ik jou de hemel
binnen. Zo gezegd, zo gedaan. De kleermaker loopt naar de hemelpoort en
Petrus vraagt de man wat hij vroeger geweest is. "Ik ben kleermaker
geweest," zegt de man. "Dan mag je naar binnen," zegt Petrus. Als de man
voorbij loopt, vraagt Petrus: "Maar wat zit er in die zak?" Zegt de
kleermaker: "O, 't ouwe naaimachien."
Er loopt een kip tegen de muur: tok!
Bram Cohen gaat op vakantie naar Amerika. Als hij op het vliegveld van
New York aankomt bij de douane wordt hij hartelijk verwelkomd: "Welcome
home, mr. Sinatra." Bram probeert uit te leggen dat het een misverstand
is, maar het helpt niets. Als hij een taxi wenkt, springt de
taxichauffeur uit de auto om zijn koffers aan te pakken: "Hello, mr.
Sinatra." Weer heeft het geen zin om het uit te leggen. Bij het hotel
aangekomen, begint de receptionist: "Hartelijk welkom, mr. Sinatra, fijn
dat u weer bij ons komt logeren. Uw gebruikelijke suite is al gereed,
alles is op orde..." En in de lift begint de liftboy meteen: "Hey Franky,
back in town eh?" Het begint Bram zo onderhand de keel uit te hangen, en
hij legt weer uit dat hij Bram Cohen uit Amsterdam is. Hij gaat zijn
hotelkamer binnen, en ziet in de slaapkamer één, twee, drie, vier
bloedmooie meiden op het bed liggen. En ze roepen: "Hi Franky boy!" Bram
stapt naar binnen, zingt: "Strangers in the night..."
Zoef. Twee graven zwaaien open. En twee skeletten kruipen naar buiten.
Ze lopen naar twee zware Harley Davidson. Ze starten de motoren. Broem,
broem, broem... Stapt het ene skelet weer af, loopt naar zijn graf,
trekt zijn grafsteen uit de aarde en legt 'm op zijn benzinetank. Vraagt
het ene skelet: "Waarom neem jij je grafsteen mee?" Zegt de ander: "Ik
rij nooit zonder papieren."
Saar en Moos wonen al 25 jaar samen. "Zouden we nou toch niet eens gaan
trouwen?" vraagt Saar. "Ach meid," zegt Moos, "wie wil ons nou nog
hebben?"
Een jager loopt door het bos. Hij ziet een konijntje lopen en hij
schiet: pang! En hij mist. "Godverdomme," roept de jager: "Mis!" Even
later ziet hij een fazant lopen. Hij schiet: pang! Weer mis.
"Godverdomme," roept de jager: "Al weer mis." Dan komt meneer pastoor
langslopen. De pastoor zegt tegen de jager: "Dat mag u niet meer zeggen
hoor, dat godverdomme. U misbruikt de naam van de Schepper. Pas maar op
dat Hij Zich niet op u wreekt." "U heeft gelijk," zegt de jager; "ik ben
katholiek: ik mag dat niet zeggen." De jager loopt verder. Plots ziet
hij op vijf meter afstand een konijntje zitten. De jager schiet: pang!
Mis. "Godverdomme," roept de jager, "alweer mis!" Meteen komt er een
bliksemschicht naar beneden flitsen, en die slaat op een meter naast hem
de grond in. Hoort de jager een stem uit de hemel: "Godverdomme, weer
mis!"
Piet: "Ik heb gisteren voor drie jaar benzine ingeslagen". Jan: "Dat kan
toch niet. Waar laat je dat spul toch allemaal?" Piet: "Het is slechts
voor mijn aansteker."
Een man kwam thuis met twee grote emmers koemest voor de tuin, die hij
had gehaald bij een boer uit de buurt. "Waar is dat voor," vroeg zijn
zoontje van zes. "Voor de aardbeien," zei de man. Het zoontje staarde
hem aan en zei toen: "Ik heb ze liever met slagroom, mag dat ook?"
Aan het begin van het nieuwe schooljaar gaan moeder en dochter wat
spullen voor het nieuwe schooljaar kopen. Natuurlijk moet er ook een
schoolagenda komen. Op een gegeven moment zegt de moeder: "Kijk eens, ik
heb er hier één gevonden waarin zelfs nog plaats is om je huiswerk op te
schrijven."
Een man begon aan een nieuwe loopbaan op een kantoor. Op zijn eerste dag
moest hij gelijk met de computer werken. Gelukkig zat er een
menubesturing op. Bij het opstarten had hij de keuze uit drie
mogelijkheden. "1. Ga naar Microsoft Word", "2. Ga naar Dos" en "3. Ga
naar de Bahama's". Nieuwsgierig koos hij voor de optie "Bahama's". Op
het scherm verscheen de tekst: "Dat zou u wel willen."
Zit de vrouw net in bad, als er wordt aangebeld. Ze kijkt uit het
badkamerraam en ziet beneden de buurman voor de deur staan. "Ach," denkt
ze, "die is toch blind, dus ik kan wel even opendoen." Ze trekt de
voordeur open en staat oog in oog met de blinde buurman die vrolijk
roept: "Ha, die buurvrouw! Ik heb goed nieuws. Ik kan weer zien."
Een kleine zakenman heeft een bankrekening geopend en krijgt een
chequeboekje. Dat vindt hij reuze gemakkelijk. Iedereen die hij moet
betalen geeft hij een cheque. Na een tijdje krijgt hij een briefje van
de bank met het verzoek even langs te komen. Bij de directeur op de
kamer binnen gelaten zijnde, zegt deze: "Kijkt U eens meneer, U hebt
hier een rekening geopend en er duizend gulden op gestort. Maar nu hebt
U al vijfduizend gulden uitgegeven. Ik zou graag zien dat U het tekort
aan zou vullen." Zakenman: "Dat is toch geen enkel probleem. Ik zal wel
even een cheque uitschrijven."
Zit een man op een bankje in een park. Ineens komt er een vrouw naast
hem zitten en zegt: "Weet u, u lijkt sprekend op mijn 3e man". "Goh,"
zegt de man, "Hoeveel keer bent u dan getrouwd?" "2 keer," zegt de
vrouw.
Mannetjesdodo tegen zijn vrouw: "Hoezo hoofdpijn? We zijn een bedreigde
diersoort!"
Jantje: "Vader, ik moest schoolblijven." Vader (boos): "Hoe kwam dat nu
weer?" Jantje: "Ik wist niet waar de Dolomieten lagen, vader." Vader:
"Ik heb je al zo vaak gezegd dat je je spullen beter op moest ruimen."
Jan: "Ik zou wel eens willen weten waar een brief terecht zou komen, als
ik hem zou adresseren aan de domste man van Nederland." Piet: "O, die
zouden ze gewoon aan de afzender terugsturen."
Twee ambtenaren uit verschillende dorpen scheppen op over hun gemeenten.
"Bij ons in het dorp draagt de burgemeester een echte ketting om zijn
hals," zegt de een. "Nou en?" zegt de ander, "bij ons mag hij vrij
rondlopen."
Thomas Edison deed er jaren over om het elektrisch licht uit te vinden.
Laat op een avond lukte het hem een peer aan het gloeien te krijgen. Hij
stoof zijn laboratorium uit, het huis door, de trap op en de slaapkamer
in. "Schat," riep Edison naar zijn vrouw, "ik heb het voor elkaar!" Ze
draaide zich op een andere zij en mompelde: "Doe dan nu het licht maar
uit en kom in bed."
Er komt een man bij de dokter: "Dokter, ik weet niet wat er aan de hand
is, maar als ik met m'n vinger tegen m'n hoofd druk, dan doet het pijn.
En als ik tegen m'n buik druk, doet het ook pijn. En als ik op m'n knie
druk doet het daar ook pijn. Wat is er aan de hand?" "Oh," zegt de
dokter, "ik zie het al: u heeft uw vinger gebroken!"
Advocaat tijdens een rechtszitting: "Tenslotte, edelachtbare, wil ik als
verzachtende omstandigheid aanvoeren, dat mijn cliënt nogal hardhorend
is en derhalve de stem van zijn geweten niet heeft kunnen verstaan."
Meisje heeft voor het eerst van haar leven een appeltaart gebakken en
biedt haar vader 's avonds een stuk aan. Vader eet ervan, knikt
goedkeurend en zegt: "Niet slecht, maar ik proef geen stukje appel?"
"Maar pappie, in hondekoekjes zitten toch ook geen honden?"
Bram gaat met zijn vrouw en kinderen op vakantie. Zijn vrouw pakt bijna
alle huisraad in, zeer tegen de zin van Bram. Bij de incheck-balie
aangekomen zegt Bram, krom staand onder een loodzware last van
volgepakte koffers, tegen zijn vrouw dat ze de piano ook wel mee hadden
kunnen nemen. Waarop zij antwoord "Hoor es Bram, nou moet je niet gelijk
op de eerste dag van de vakantie hatelijk gaan doen, hoor!" Zegt Bram op
gelaten toon: "Dat doe ik ook niet. Onze tickets liggen nog op de
piano."
De moeder van een middelbare scholier wordt bij de rector geroepen. "De
situatie is nogal ernstig," legt het schoolhoofd uit. "Uw zoon verscheen
vandaag in een jurkje en nylonkousen." "Mijn schuld is het niet,"
verweert de moeder zich. "Ik heb hem al zo vaak gezegd uit de garderobe
van zijn vader te blijven."
Een bedelaar loopt door een dure winkelstraat en blijft smachtend door
het raam van een restaurant kijken. Hij kijkt en kijkt en kijkt... en
ziet dat een man geheel achter zijn krant verscholen gaat, met voor zich
een dampend bord. De bedelaar stormt naar binnen, gaat tegenover die man
zitten, trekt het bord naar zich toe en begint als een waanzinnige te
eten. Halverwege ziet hij wat in het bord liggen: een gebruikte kam (met
veel haar eraan). Onmiddellijk begint hij enorm over te geven in het
bord. Laat de man tegenover hem zijn krant zakken en zegt: "Ja... Zover
was ik ook gekomen!"
"Prachtige papegaai, maar waarom heeft hij aan iedere poot een kettinkje
hangen?" "Als ik aan het linker kettinkje trek, zegt hij "goedemorgen".
Als ik aan het rechter kettinkje trek, zegt hij "goedenacht"." "En als
je aan beide trekt?" "Dan valt-ie op zijn bek!"
Henk moest voor zijn nummer worden gekeurd voor militaire dienst. Bij de
ogentest vroeg de arts hem wat er op de kaart stond. Henk, slechte ogen
simulerend, "welke kaart?" Toen de dokter een bezemsteel omhoog hield
zei Henk dat het een potlood was. Hij werd natuurlijk afgekeurd voor
militaire dienst. Om dat te vieren ging Henk 's avonds naar de bioscoop.
Toen de film was afgelopen en het licht weer aanging zag Henk tot zijn
schrik dat hij naast de arts zat. Hij boog zich naar de arts en vroeg:
"Weet u of dit de bus naar Den Haag is?"
Antwoordapparaat van een warenhuis: "Als u een bestelling wilt opgeven,
draai dan een 5. Als u een klacht heeft, draai dan 85339855037874899.
Een prettige dag verder."
Twee dronkelappen zitten elkaar lodderig aan te kijken. "Ik zie alles
dubbel," zegt de een. "Ik ook," antwoordt de ander. "Laten we dan met
z'n vieren gaan klaverjassen", stelt nummer een voor.
"Een haan en een kip komen elkaar tegen. "Kukeleku," zegt de haan.
"Miauw," antwoordt de kip. "Wat krijgen we nou?" vraagt de haan. "Ach,"
zegt de kip, "zonder vreemde talen kom je tegenwoordig niet meer aan de
bak."
De passagier achter in de taxi wil de chauffeur wat vragen, dus tikt hij
de man even op z'n schouder om de aandacht te trekken. De taxichauffeur
geeft een geweldige schreeuw en verliest de macht over het stuur. Het
voertuig mist op een haartje na de tram, ramt bijna de voorpui van een
monumentaal bordeel, alvorens op het trottoir tussen tientallen driftig
fotograferend Japanners tot stilstand te komen. Het is even stil in de
taxi. Dan zegt de chauffeur: "Meneer, wilt u dat nooit meer doen. Ik ben
me dood geschrokken." De passagier zegt dat hij niet had geweten dat de
chauffeur zo zou schrikken van een klein tikje op z'n schouder. Waarop
de bestuurder zegt: "Het is uw schuld niet hoor meneer. Maar vandaag is
mijn eerste dag als taxi-chauffeur. Hiervoor heb ik 25 jaar lijkwagens
gereden."
Verontwaardigd roept mevrouw Van Dam tegen de loodgieter: "Hoe heeft u
dat ooit gedurfd, mijn dochter te kussen in die donkere kelder?"
Antwoordt de loodgieter: "Dat vroeg ik me ook af toen ik haar later in
het licht zag..."
"De man die mijn dochter tot vrouw krijgt, heeft een lot uit de loterij.
Ze drinkt niet, ze rookt niet, ze vloekt niet, ze flirt niet...." "Hoe
oud is ze?" vraagt de man belangstellend. "Twee jaar..."
Twee gevangenen ontsnapten via het dak, waarbij een van hen een dakpan
verschoof. "Wie is daar?" riep de bewaker. De eerste gevangene reageerde
met een natuurgetrouw "Miauw". De bewaker was gerustgesteld en vervolgde
zijn ronde. Maar toen ook de tweede gevangene een dakpan verschoof riep
de bewaker opnieuw "Wie is daar?" "De andere kat," riep de gevangene
terug.
Muggenmoeder tegen haar muggenkindertjes: "En als jullie nu allemaal
braaf gaan slapen, vliegen we morgen naar het nudistenkamp om daar te
ontbijten."
"Als een woord met het voorvoegsel 'on' begint heeft dit woord meestal
een ongunstige betekenis," zegt de onderwijzer, "Bijvoorbeeld:
ondeugend, onfatsoenlijk, ongelukkig. Kan iemand nog een voorbeeld
noemen?" Dirk steekt zijn vinger op en zegt: "Ik weet er een meester:
Onderwijzer."
Dokter tegen patiënt: "Als u nog twee jaar doorgaat met dit ongezonde
leven bent u binnen een maand dood."
Twee jongetjes zijn aan het opscheppen. "Mijn vader heeft een appel en
een peer gekruist en nu is hij een hoge Piet op de Landbouw Hogeschool."
"Dat is nog niets, mijn vader heeft een Ford met een Opel gekruist en nu
is hij een engel in de hemel."
Kennen jullie die mop van die dierenhandelaar die zo'n goed idee had om
z'n omzet te vergroten? Hij leerde al z'n papegaaien zeggen: "Ik mis
mijn broertje zo!
"Chirurg: "Het spijt me verschrikkelijk, maar we moeten u weer
openmaken. Ik heb een paar rubberhandschoenen in uw buik laten zitten."
Patiënt: "Waarom zou u al die moeite doen, dokter? Hier hebt u 20
gulden, dan kan u een nieuw paar kopen."
's Nachts maakt Ma Pa wakker. "Piet, Ik hoor een muis piepen." "Nou en,"
reageert Piet, "denk je soms dat ik hem ga oliën?"
Dokter de Zwart komt op zijn wekelijkse ronde door het bejaardenhuis
meneer van Puffelen tegen en begint een praatje met hem. Van Puffelen
zegt hem dat hij de laatste week rare dingen meemaakt. "Als ik 's-nachts
naar de WC ga, dan gaat vanzelf het licht aan." De Zwart is bang dat van
Puffelen een beetje seniel wordt, dus hij belt diens zoon op. Zijn vrouw
neemtop en hij verteld het verhaal aan haar, waarop zei gilt "Hé Jan,
moet je horen, Pa piest weer in de ijskast!"
Zit er een man in een bar die een pilsje besteld. De barkeeper geeft hem
zijn pilsje en zegt: "da's Fl. 1,30 meneer." De man pakt 13 dubbeltjes
en gooit die achter de bar. De barkeeper zegt hiervan niets en pakt ze
kalm op. Dit gaat een keer of vierdoor, totdat de man er weer een
besteld en met een rijksdaalder betaald. De barkeeper denkt: "Ha, ik zal
jou krijgen!" Hij pakt dubbeltjes wisselgeld en gooit die over de bar
heen naar de man toe. Pakt die man een dubbeltje uit zijn zak en gooit
die ook op de grond en zegt: "Doe mij nog maar een pilsje."
"En jij denkt dat jij problemen hebt?" zei een man tegen zijn collega.
"Ik heb iemand laatst een paar duizend gulden geleend voor plastische
chirurgie en nu weet ik niet hoe hij er tegenwoordig uitziet!"
Gerrit rijdt zijn krakkemikkige autootje de pont op. "Twee vijftig,"
zegt de pontbaas tegen hem. Gerrit stapt uit zijn vehikel overhandigt de
pontbaas zijn sleutels: "Verkocht."
Een vriend gaat voor hem en zijn compagnon proviand inslaan. Als hij
terugkomt met twaalf flessen jenever en een brood vraag zijn compagnon:
"Piet, wat moeten we met al dat brood?"
Een moeder trof haar zoon in bed aan, terwijl hij al lang op school had
behoren te zijn. Ze zei hem ogenblikkelijk naar school te gaan, of
anders twee goede redenen te geven om zulks niet te doen. "Ten eerste
vinden de kinderen me niet aardig. En ten tweede vinden de leraren me
he-le-maal niet aardig. Geef mij maar eens twee goede redenen waarom ik
wél naar school zou gaan." "Nou, ten eerste ben je veertig. En ten
tweede ben je rector."
Ik heb een vriendin die zo bezeten is van hergebruik, dat ze er niet aan
zou denken te trouwen met een man die niet al eens getrouwd is geweest.
Ober tegen een gast: "Eet U wild?" Gast: "Nee, heel rustig."
Kapper: "U zegt hier eerder te zijn geweest om U te laten scheren, maar
ik herken uw gezicht niet." "Dat is best mogelijk. De littekens zijn aan
het genezen..."
In een winkelcentrum in Schiedam vroeg Sinterklaas aan een meisje hoe ze
heette en kreeg alleen een boze blik. Sinterklaas herhaalde de vraag.
Ten slotte zei ze verontwaardigd: "Dat heb ik je vanmorgen in Rotterdam
verteld en nu ben je het al vergeten!"
Triviant
