Triviant        

                                                                        ccbaalkamer, trivianten met een glimlach

Phenomenal's column

Shockdoc

Mijn zoon Sam is veertien jaar. Op donderdagavond vergaapt hij zich aan de televisieserie ‘Prison Break’; Shock Doc rondt soms de avond af.
‘’Mam, hele, grote tieten!’’
‘’Hmhm, borsten heten die dingen’’
‘’Mam, afgehakte penissen!’’
‘’Hmhm, interessant’’
‘’Is geen zak aan hoor Mam, ik noem dit geen docu’’
‘’Mam, opblaasbare sekspoppen’’
‘’Hmhm, boeiend?’’
‘’Ik vind het ziek, er was een man en die zei dat hij het wel zo gezellig had met zijn pop. Hij deed net alsof het een echte vrouw was’’
‘’Sja, ik volg dat ook niet helemaal’’
‘’Dan kun je net zo goed een lijk neuken Mam’’
‘’Seks bedrijven met een dood mens’’
‘’Ja, dat bedoel ik’’
Mijn zoon zakt gapend onder zijn dekbed.
Ik kan de link naar aanleiding van een boekrecensie niet laten liggen:
‘’Weet je dat er een kunstenaar is die naar een mortuarium ging en daar seks had met een onbekende dode vrouw: dat heet dan kunst. Wat vind je daar van?’’
‘’Waarom heet dat Kunst? Wel ziek hoor, bah’’
‘’Er is een kunstenaar die een babylijkje kocht, het bakte in een oven en binnen een performance het publiek plakjes gebakken baby liet eten’’
‘’En dat mag omdat het zogenaamde kunst is? Dat was zeker een chinees?’’
‘’Sja, waar ligt de grens tussen ziek en kunst?’’
‘’Dus als ik naar de kunstacademie ga en een paar schilderijen verkoop, mag ik mensen aan stukken snijden? Lijken neuken?’’
‘’Misschien is het inderdaad zo simpel’’
‘’Een kunstenaar verzint altijd wel een reden bij zijn werk Mam. Dat is hun beroep’’
‘’Denk je niet dat ze een oprechte motivatie hebben voordat ze aan een werk beginnen?’’
‘’Ik denk dat ze soms maar wat doen en achteraf de reden bedenken’’
‘’Vind jij het boeiend? Zogenaamde shockerende kunst?’’
‘’Mam, ik zie eerlijk gezegd het verschil niet echt tussen shock doc en kunstenaars die dingen met dode mensen doen’’
‘’Waarom maken mensen het? Waarom kijken wij?’’
‘’Ik denk dat mensen het spannend vinden, en dat mensen stom zijn. Ze kijken toch wel’’
 Zijn linkeroog traant rood en hij draait zich behaaglijk dieper onder het dekbed.
‘’Als ik nu van een lijk kettinkjes maak hé Mam, en die verkoop, dan ben ik een psychopaat’’
‘’Ja, waarschijnlijk wel. Ik heb dan toch liever dat je de kunstacademie volgt en legitiem in dode dingen gaat snijden’’
‘’Ha, Mensen zijn er eigenlijk bang voor. En daarom is het zo fijn om dat kunst te noemen?’’
‘’Ik weet het ook niet Sam’’
‘’Ik word architect hoor, en drummer, dat weet je’’
‘’Oké’’
‘’Laat de bureaulamp nog maar aan Mam, welterusten’’
‘’Is goed, kus Bink, slaap lekker’’

Phenomenal

Top

Adoptie of abortus

Een koffie overpeinzing.

De voorpagina van de krant brult mij tegemoet dat men onderzoe t of het beter is om bij ongewenste zwangerschappen een kind na de geboorte af te staan.
Een pagina of 3 verder komen een vakkundige persoon, alsook een jonge moeder die als 14 jarige haar kind afstond, aan het woord over de niet mis te verstane gevolgen van afstaan voor zowel adoptief kind als de moeder.
Aangezien een groot deel van de ongewenste voldragen zwangerschappen kennelijk resulteert in het moeilijk kunnen afstaan van het kind volgt er de suggestie/oplossing: meer – o.a. Financiële- steun bij ongewenste ouderschappen.
Een middenpagina is gevuld met het persoonlijke verhaal van een vrouw die een ondergane abortus als 22 jarige uit de doeken doet.
 Dat dit nieuwe kabinet een aantal kwesties opnieuw aanboord is bekend.
Abortus, het homohuwelijk, een heteroseksueel gezin als hoeksteen – wurgsteen? - van de samenleving.
 De auteur die haar abortus motiveerde alsook de ervaringsdeskundige op adoptief gebied, suggereren dat deze voorstellen enkel door mannen kunnen zijn bedacht.
 Laten we ons weer in eigen buik roeren?
Moeten (ook zeer jonge) vrouwen zich weer laten knechten door kinderen? Sterker nog, door mannen die vinden dat vrouwenlichamen zich nu eenmaal lenen voor dragen, baren en grootbrengen van kinderen, en dat we daar niet aan mogen tornen.
Het geluk/bestaansrecht van een kind staat boven dat van een moeder. Of moet ik hier een vraagteken achter plaatsen?
 Nederland kende jaren het laagste abortuscijfer. Een lichte stijging was waarneembaar in de afgelopen vier jaar. Mag ik voorzichtig een link leggen naar het kabinetsbeleid in die periode?
Of is dat te gemakkelijk?
 ‘’Baas in eigen buik!’’ iedere vrouw haar eigen barrière.
Maar laten we ook vóóral baas in eigen hoofd blijven.

Top

groen venijn

Een grijze dag, deze maandag. Een waas van regen kleurt de oude buurt.
De frisse nattigheid weerhoudt de mensen er niet van om te doen wat ze altijd doen.
Een mattenklopper ramt b iten het stof uit een versleten tapijtje. Mijn buurvrouw² is nog lenig genoeg; op haar tenen tikt ze venijnig door. Na tien minuten knikt ze keurend en mompelt onverstaanbaar. Ik vul het maar in
‘’Zo, jij kunt er weer even tegenaan’’
Of
‘’Verdorie, nu moet ik kippensoep trekken, waarom doet hij dat niet zelf?’’
Of
‘’Come rain come shine’’
Dat laatste dicht ik haar niet echt toe, maar goed. Deze vrouw had slechts een keer het sociale lef om mij spontaan persoonlijk aan te spreken. Ze klaagde al drie jaar hardop – binnen de veiligheid van haar tuintje - over een oude schutting, hoog wild groen, loslopende kinderen, gillende pubers, fietsen in het gangpad, leren voetballen, harde muziek en barbecuevuurtjes die rookpluimen ontwikkelen.
Het mensje kwam moeilijk uit haar woorden toen zij een maand of 18 terug op mijn stoep stond.
‘’Komt U binnen, ik ben aan het pakken. Ik moet zo weg, wat is er?’’
Aarzelend loopt ze achter me aan.
‘’Ik wou even zeggen dat eh’’
‘’Laat me raden, U bent boos?’’
Ze kijkt me fel aan, haar kalkoenzakjes lillen mee
‘’Ja, als je maar weet dat het met die schutting zo niet langer kan! Vandaag of morgen blijft mijn kleinkind erin hangen en dan is het jouw schuld!’’
‘’U doelt op de loszittende planken?’’
“Ja! En dan nog iets hé! Wij kunnen bijna niet meer over de stoep lopen, je moet die hagen snoeien anders haal ik de politie én de gemeente erbij, als je dat maar weet!’’
 Ik knik haar quasi minzaam toe, mijn bloed kookt eigenlijk, wat een ongelofelijk raar mens, als ze zich zo stoort, waarom kropt ze het dan maanden op? Ik ben verdorie geen onmens!
‘’Goh, U bent echt heel erg boos hé. Dat is niet goed voor uw hartconditie. Rustig aan. Ik snap dat U zich zorgen maakt over die spijkers. Ik denk ook wel eens aan de gevolgen van een bloedvergiftiging. Lijkt me zeer vervelend’’
Ze kijkt rond, haar ogen nemen het interieur op. Ik zie haar pupillen verwijden bij de kieren van het kliklaminaat, ze snuift hard.
‘’Wat je binnen allemaal doet moet je zelf weten, maar buiten niet hoor!’’
‘’Oh nee? Ik geloof dat ik hierover niet in discussie ga met U. Ik sla die spijkers morgen de planken in en die heg komt helemaal goed, afgesproken? Bent U nu nog steeds boos?’’
Ik voorzie een orkaan van beschuldigingen en ongefundeerde uitspraken dus ik wijs haar de voordeur
‘’Ik moet gaan Mevrouw, fijn dat U het op kon brengen om Uw hart even face en face te luchten. Doe dat in het vervolg iets eerder. Dat scheelt U een berg woede en frustraties’’
Ze stribbelt bijna tegen, stapt verontwaardigd naar buiten.
‘’Ik snap het niet hoor! Ik ken jouw ouders wel, dat zijn toch van die keurige mensen!’’
Ik lach hardop en haar ogen spugen rood
‘’Mevrouw, mijn ouders zijn inderdaad redelijk sociaal aangepast, en al jaren geleden verhuisd’’
Ze moppert schel door
‘’Die hadden toch ook een tuin en die hielden ze wel bij!’’
Ik lach nog harder, met in mijn achterhoofd de schuine blikken, de roddel, de groene nijd binnen dit o zo pittoreske dorpje.
‘’Weet U niet meer dat mijn ouders groot voorstander waren, en zijn, van wilde tuinen? Bent U vergeten dat ook U uw neus op haalde? Sorry, maar ik lach U nu eigenlijk uit’’
Ze kijkt me schuin aan, haar ogen lezen misverstand.
Ik draai me om. Dit heeft geen zin
‘’Dag Mevrouw, maakt U zich niet te druk, oké?’’
Als ik vijf minuten later met een taxi vertrek, zie ik een grijs vrouwtje met een grote heggenschaar zichtbaar vloekend mijn zijtuin te lijf gaan.
Ze snoeit dapper een hoek van een liguster waar ik haar hardop voor bedank.
Diezelfde maand verknip ik, mede gemotiveerd door een dringend schrijven van een ambtenarij - én wellicht heel obstinaat - elke heg, struik en boom tot mijn tuin het kapsel van een frisse marinier gelijkt. Ik heb buurvrouw nooit weer gehoord.

Top

koffiepeins II

Een zonnige maandagochtend. Gewapend met mokken sterke koffie struin ik politieke fora af, op zoek naar bevredigende antwoorden.
Ik blader de websites van de SP, de PvdA en Groen Links. De dames en heren van desbetreffende redacties zijn er maar druk mee. Eerst de verkiezingen van november 2006, gevolgd door de formatieperiode. En aanstaande woensdag de Provinciale Staten verkiezingen. Ik word om de oren geslagen met slagzinnen en pdf formats. Vorige week las ik de sites van het CDA, de VVD en de CU.
De jeu is getrokken, de grootste hype is kennelijk gedaan. Is men ‘’het’’ moe? Legt ‘’men’’ het hoofd neer?
Ik onderschrijf dat politieke omslagen zich niet van vandaag op morgen voltrekken.
Concretisering van wetgeving kent ook een lange adem.
Stiekem hoopte ik op een mislukte formatie.
Dat de informateur met open handen en lage schouders een persconferentie zou geven ‘’Beste mensen, het lukt ons niet, we gaan over tot een formatie van SP, PvdA, GL en CU’’
Waarom?
Ik ben diep teleurgesteld in de PvdA.
Irak is ethisch verkwanseld, armoedebestrijding gereduceerd tot de frase ‘’werk is het instrument om uit de armoede te geraken’’, WAO-ers boven de 45 jaar blijven ongemoeid gezond verklaard ziek. De inkomens van o.a. die groep verhogen we van 70 tot 75 %, brugbanen blijft een leuke term, jongeren tot 27 jaar moeten óf werken óf studeren en we pakken het VMBO eens goed aan!
Bijstandsmoeders moeten solliciteren als hun jongste kind 5 jaar oud is, in de tussentijd mogen ze scholen en arbeidservaring opdoen. (Nee, dit is niet de wet Vazalo - Noorman - Den Uyl) Is het niet zo dat de meeste gemeentes bijstandsmoeders met rust lieten? In die zin, de afgelopen jaren werden alle verse bijstandsmoeders zonder pardon in een Work First traject gedumpt.
De discussie over de uitvoering van het generaal pardon, de gewetensbezwaren bij gemeentelijke ambtenaren betreffende het huwen van homoseksuele stellen. De dubbele nationaliteit van bewindslieden, zijn volgens mij leuke afleiders van waar ik werkelijk een concreet antwoord wil horen.
Hoe krijgt men het - al dan niet betuttelend - voor elkaar dat duizenden Nederlanders een menswaardig bestaan kunnen leven? Waar blijven de instrumenten?
Ik denk soms dat ik het idee, de utopie wellicht, van een verlichte maatschappij waarin iedereen een gelijke kans heeft – én krijgt - om zich (blijvend) te ontplooien los moet laten.
Erken de onderklasse, middenklasse en heersende bovenklasse.
De afgelopen jaren (en dat reikt verder terug dan voorgaande vier jaren) hebben we nog een klasse gecreëerd; De totale verliezers, de terugkeer van het klootjesvolk, de mensen die in de marginalen van Nederland weg mogen rotten.
Ik kijk uit naar de komende 100 dagen.

Top

koffiepeins III 

Sociale Samenhang is:
De titel van paragraaf IV van het coalitieakkoord PvdA, CDA en CU.
Ik worstel mij door tien pagina’s heen, pen in de aanslag, vooruit toetsenbord.
Ik tracht een beeld te vormen. Wat heeft men nu werkelijk voor ogen en welke instrumentaria krijgen vorm? Welke werkelijke sociale vernieuwing kan ik lezen in dit akkoord?
Ik citeer:
A. Varianten van werk voor mensen die anders langdurig op een uitkering zijn
aangewezen:
i. Participatiebanen;
ii. Participatieplaatsen;
iii. Brugbanen;
iv. Opstapbanen en
v. Investeringsbanen.
b. De ontwikkeling van een markt voor persoonlijke dienstverlening;
De link naar de Melkert en later ID banen is duidelijk. Wat is het verschil tussen genoemde banen? Leuke vraag voor Jet Bussemaker en de heer Aboutaleb?
Waar ik over struikel is ‘’De ontwikkeling van een markt voor persoonlijke dienstverlening’’.
Persoonlijke dienstverlening? Moet ik hierbij denken aan: werkster, kinderoppas aan huis, ziekenverzorgster, boodschappenhulp, voorleesvrouw, tuinman, voetmasseur, rugkraakster, animatiebode, kleine butler, privé kok enzovoort?
Waarschijnlijk wel. Ben ik achterdochtig of is het oké om te denken dat de inkopers van zulke diensten mensen moeten zijn met een bovenmatig gevulde beurs?
Een jaar of twee terug riep een VVD-er, wiens naam mij nu ontschiet, waar de schoenpoetsers toch bleven? Ik lees in die zin wat al een aantal jaren duidelijk is.
De privatisering en polarisatie sturen aan op een arbeidsmarkt c.q. economie waarbinnen mensen die om wat voor reden dan ook onvoldoende geschoold zijn of ervaring hebben, zich gaan/moeten uitlenen als private servants. (het aantal – ook hoger opgeleide - freelancers is de afgelopen jaren al behoorlijk opgelopen, flexibele markt waar niet iedereen voor is uitgerust!)
Alleen zie ik een vervelend obstakel:
Je zou wel een grote malloot zijn als je als slimme zakenman of vrouw die diensten niet voor je rekening neemt. Toch? Hoe moeten die kleine persoonlijke dienstverleners zich dan staande houden op die private markt? Onder de prijs zakken? Meer aanbieden voor minder?
Verder vraag ik mij af welke stimulerende maatregels dit kabinet wil aanwenden. Welke financiële stimulans krijgen laag geschoolde/ongeschoolde/onervaren mensen die bijv. Een kinderophaalservice beginnen?
Banken en BBZ wijzen kleine initiatieven vaak af. Zeker als de persoon in kwestie een vlekje op het CV heeft. Te groot risico, niet interessant.
In dit coalitieakkoord wordt onderschreven dat men innovatie (m.i. Is dat iets anders dan persoonlijke dienstverlening? Corrigeer mij als ik fout zit) van harte toejuicht en ook het MKB krijgt meer steun. Welke is nog niet duidelijk, maar daar zijn die eerste 100 dagen voor gedoeld?
In dezelfde paragraaf wordt gehamerd op mantelzorg en vrijwilligerswerk.
Hmm, ben ik nou echt paranoïde of stuurt men het aan op particuliere initiatieven die men beloond door bv. Behoud van uitkering met een zogenaamde bonus?
Geweldig toch? Als men straks maar even met een WMO loket hoeft te bellen als je een tuinman nodig hebt? Of een massage wenst na een drukke werkdag?
 
Prettige dag nog, en oh, a.s. woensdag wel even stemmen hè!

Top

(oude) krant

Omroep Brabant is mijn wekker; vraag me niet wat ik in het halve uur, waarin ik wakker werd, heb gehoord. Ik weet het niet. Als een murmelende zee ging de informatie het linkeroor in en het rechteroor lag nog op een kussen.
Mijn brein weigert berichten op te nemen of ik filter onbewust alles wat niet sympathiek is.
De grijze cellen haken af bij song uit de jaren zestig, edoch mijn tenen krullen zo hard, dat ik met een grote sprong naast mijn bed sta.
Op weg naar de keuken ruk ik de krant uit de brievenbus en lees als eerste het weerbericht. Drukkend warm, tot 25 graden. Een grote snelle, waarschijnlijk tot aan de vlaggenmast beveiligde, boot laat een wuivende paus van de katholieke kerk zien.
Keulen verheugt zich! Ik mis de door Parkinson aangevreten gestalte van de oude Paus.
Ik heb hoegenaamd niets met de religie, laat staan met het bestuurlijke orgaan van deze kerk. Maar toch, mocht ik die oude Pool wel. Waarschijnlijk hangt mijn sympathie samen met het tijdsbeeld waarin hij opkwam en de, in mijn naïeve westerse ogen, revolutionaire personen die mijn jeugd en puberteit kenmerkten. Vaclav Havel bijvoorbeeld, of Steven Biko.
Een tijd waarin rechts nog rechts was en links ook linker.
De koffie is klaar en de kat – wij noemen haar simpelweg Poes - hangt in de deurklink, een subtiele hint dat het kattenluik aan vervanging toe is. Mekkerend wacht ze tot ik haar bak met knabbels vul. Vier zoetjes brengen de cafeïne op gewenste smaak.
Oh wat fijn, er komt geld vrij voor de kinderopvang. Oh geweldig, middeninkomens mogen zich verheugen op een extra ondersteuning. Gosh, en de werkeloosheid van vrouwen neemt toe hoewel de werkeloosheid het afgelopen jaar constant bleef. Luchtigjes wordt een verband gelegd tussen de afbraak van de WAO, de daardoor ontstane run op de WW, bezuinigingen in de welzijnssector, de zorg en het onderwijs, oh excuseer, de werkgelegenheidsgroei is tot stilstand gekomen. Vrouwen kiezen met het oog op zorgtaken voor een parttime functie of wensen flexibele werkuren. Aha, logisch dat werkgevers die onzinnige dure eisen niet inwilligen. En tussen neus en lippen door; het is een internationaal fenomeen dat de werkeloosheid onder vrouwen groter is dan onder mannen.
Ik vind de berichtjes waarin het CBS wordt vermeld altijd leuk.
Ik blader snel door de rest van krant heen, op zoek naar iets wat mijn hart sneller laat bonzen.
Gaza, niet leuk, rel in notariswereld om hypotheekservice van CMS, ook niet leuk.
Sloopbonussen voor directeuren, allochtonen blijven allochtonen, cola eruit, melk en sap erin. 14 kinderen acuut uit huis geplaatst nadat er sterke verwaarlozing werd geconstateerd.
In Sudan slaan Ugandese soldaten rebellen dood, 32 stuks om precies te zijn.
De antioorlog moeder vertrekt bij de ranch van Bush, haar moeder kreeg een beroerte.
Minister Hoogervorst zoekt 130 miljoen euro voor een denktank van farmaceuten.
Ik zoek ook elke dag euro’s. Misschien kunnen we samen zoeken?
Ik ben blij dat ik de krant mag lezen. Mijn kinderen delen de blijdschap: de papieren zijn ideaal als onderzetter, knuppel, vliegenmepper, toeter, knutselpapier, pijltjes en natuurlijk als informatiebron. Bij voorkeur op de kop gelezen gevolgd door de mededeling ‘Mam, ik vind mezelf nog te jong om al die shit te lezen, mag ik nu weg?’
Ik geef ze geen ongelijk, het is overwegend onmachtig stemmende berichtgeving.
Poes heeft haar ontbijt naar binnen gewerkt; blote voetjes ratelen op de houten trap, mijn lettertijd zit er weer op. Vanmiddag lees ik de overlijdensadvertenties en de columns.

Top

springtime 

I wonder: does the sun really make women wear short dresses. Around this time you can read several columnists writing about the first white or slightly bronzed skin of women and girls.
I, for one, only put up with a dress or skirt when it is what I feel like or high summer.
We subdue ourselves to scrubbing, shaving, moisturising our legs, armpit, and high thighs.
And for what other reason then to please? Or to come close to the perfect woman we all want or tend to be? A few weeks ago some people initiated a lawsuit against the pharmaceutical industry. At least, that is the intention.
Do we not meet or live up to standards which are absurd? Real woman do not look like the models in magazines or on television. We are aware of that fact, but we still chase those images. Young girls follow diets and have nightmares about being teased or going through life without love and peers, and even worse, girls and women are not that nice to one and other. Should we not march the same streets?
We are natural women and children, we only have to live up to our own standards, don’t we?
And for that reason I dress in jeans and tight tops, my belly button is an extra eye.
It peaks into the world and shouts “I’m natural and I love the warmth of the sun, who dare tell me to hide myself?”
For that same reason I tell my daughters to dress as they seem fit. Do you want to be a fairy? Dress like one. Do you feel jeans and black leather? Wear it, but only to please and express yourself. Look in the mirror and embrace what you see, please!
I compliment them with their maturing bodies. I stroke their eyes when hormones rage their moods “You are a young woman and you are beautiful”
Wait a minute, I forget my sons. To them I have the same message, and more important, I keep telling them to respect both man and woman.
I know my influence as a mother is fading. But I believe in dialogue and openness. 
This afternoon my two girls skate the streets of this small narrow-minded village.
I will paint them a sun on the right cheek and a star on the left. And on their peaking back and belly they can write what ever they feel like.
“Let the Sun shine, this is our springtime!”

Top

worst  

Worst, dikke vette lillende druipende worst! De Hemaworst, Unoxworst, Albert Heynworst, Superworst, Edahworst, Aldiworst en Keurslagerworst. Deze worsten consumeren wij met graagte aangezien dé worst niet mag ontbreken bij een gemiddelde zogenaamde Hollandse stámppot.
Soms vragen wij ons af wat er wel niet allemaal in zo’n worst zit, en ook de overkoepelende overheidsorganen stelden zichzelf die vraag en kwamen jaren terug met een verplichting tot opsomming van de ingrediënten op de verpakking van dé worst.
Sinds ik weet wat er in bovengenoemde worsten zit en hoe ze fabrieksmatig worden geproduceerd, eet ik ze niet meer graag. Ze zijn gederomantiseerd!
Échte worst is een delicatesse, kent vele vormen en kleuren en prikkelen de fantasie!
Zoals de Chorizo.
Ik word lyrisch en licht opgewonden als ik iets met deze roodachtig pittige, droge doch stevige worst mag bereiden. Noem dit schertsend mijn penis complex. (chorizo, Mexicaans voor den piemel).
Ook voel ik mij een kleine crimineel en romantiseer tijdens het handelen van de worst het kruimelbestaan als Spaanse oplichtster. Vaak ben ik dan een Contessa die de kroonjuwelen van een onmogelijke Arabische miljonair listig in handen krijgt. Natuurlijk zijg ik daarbij met enige regelmaat over het aanrecht heen. Beticht mijzelf dan van onnatuurlijke neigingen. Solo seks over een worst in een keuken, mijn god!
Of ik kuis mijn onreine spasmen met in gedachten de pionier van deze goddelijke worst, de geestelijke Badajoz, die in de 16e eeuw, bij het zien van de grote hoeveelheden vet die vrijkomen bij het bereiden van onzer worst ‘Churizo!’ uitriep. Ik stel mij zo voor dat na het slaken van die kreet, de kloosterlingen aan snelden en zich goddeloos overgaven aan het eten van de zojuist benoemde heerlijkheid. Al was er toen vast een vooruitziende geest die al schransend uit stiet: ‘Ik mis iets pittigs, een pepertje misschien?’
Vandaag heb ik mijn overspannen fantasie beteugeld en mij beperkt tot het verbruiken van een hele Chorizo in een kikkererwtenschotel. Jawel, kikkererwten! (Chorizo, naar smaak extra knoflook, 4 zoete uien, olie, kikkererwten naar behoefte, Penne voor de liefhebber.) Daarnaast was mijn keuken gevuld met pubers en aanverwant tuig, dus ik moest het goede voorbeeld geven.
Ik heb mijn oudste dochter het mes overhandigd en keek toe. En zowaar! Op haar jeugdige wangen verschenen rode blosjes die zich over haar hals en sleutelbeenderen verspreidden.
Een volgende keer laat ik een van mijn zonen de Chorizo snijden. Eens zien of ook hij, als jonge man, vatbaar is.
Of zal dat u een worst wezen? 

Top

pesto  

Zo klein als ze zijn mijn oudste kids weten wat lekker is! Als de achterdeur opent stuiven ze naar buiten, op naar de kruidenetagère! ‘Máám, ik doe dat, baf rukken! Baf baf baf!’.
Ik waan mij even in Noord Italië, snuif de geur op van natte aarde en ademend groen. De nog sterke augustuszon prikkelt mijn huid en het gras tussen de tegels kietelt mijn eeltlaag. We zijn allemaal gék op Basilicum. De penetrante geur van een volle luier verstoort het moment en ik laat oudste zoon achter bij de potten. Jongste zoon sputtert tegen als ik hem voor een verschoning naar de eikenhouten tafel draag, maar niet voor lang want hij mag de pijnboompitten tellen!
‘Eén, twee, één, twee, één, twee,’ kwijlt hij voor zich uit, de stevige knuistjes bergen de pitten.
‘Tel maar tot 40, goed zo!’
‘Veertig? Oké, haai faaif! Één, twee, één, twee.’
Oudst telg banjert de keuken binnen en deponeert een emmertje Basil.
’Máám, klaar, hij zit vol hoor!’
Jongste spruit laat zich bijna van tafel vallen, de verontwaardiging is groot
‘Ikke ook, ik mag ook, nouhou.’
Gelijktijdig knijpen zijn vuisten een herinnering en met een glimlach opent hij zijn handjes
‘Ik heb pitten.’
En hij huppelt naar zijn broer.
Ik waan mij op dit soort momenten een soort Oer moeder met koksneurose en neuriënd grijp ik naar mijn olie. Dit maal een Spaanse persing, die mij glimmend tegemoet schijnt in een strakke fles.
‘Heren maatjes, we houden het heel simpel vandaag. Ben zo lief en klim op het aanrecht, dump uw kostbare groen op het blad en tel tot 50.’
De kabouters trekken rap hun houten krukjes naar de kastjes, dreutelen omhoog en met een plof belandt het emmertje op de rand van het blad.
Ik spreid de blaadjes over het grijszwarte vlak;
‘Countdown heren, start!’
‘Eén, twee, één, twee.’
‘Een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tien, en dan?’
‘Waarde maatje, je telt 5 keer tot tien, oei dat is lastig ja, kom ik ben de opperteller.’
Op dezelfde manier gaan we met vereende krachten én esprit de pitten te lijf.
Zoon Twee plukt verzaligd peterselie, Zoon Een pelt vier tenen knoflook – ja, ook gek op knoflook – en ik mag de kaas raspen, zeezout morsen én de olie gieten. We ‘stampen’ zingend een deel in de stenen vijzel. Tot we niet meer kunnen, dan mag de babyblender zijn werk doen.
Als de groene derrie niet fijner kan, mag hij met de handjes in twee potjes worden gelepeld.
‘Pestoproppen’ in ons keukenjargon. Daarna likken beide kids alles schoon (soms twijfel ik aan de natuur van hun vader).
Deel I van ons dagelijkse keukenavontuur zit erop.
Tijd voor een verse koffie en melk mét……….Baf!  

Top

rood vlees  

Zoetsappig is de volgende anekdote, maar de moeite van het optekenen waard.
In 1991 baarde ik mijn volmaakte eerste zoon en zoals het toen nog ging, kon men als kraamvrouw een week in bed hangen om bij te komen.
Nu was die bruinogige zoon de eerste achterkleinzoon van mijn Grootvader van moeders zijde.
Hij was een van de eerste personen die ik belde met dit heugelijke nieuws.
De goede man bezweek toen al aan een ongeneeslijke vorm van kanker en hij liet duidelijk hoorbaar een traan langs zijn oude wangen glijden.
‘Ik kom je snel opzoeken, hoor, jou en die kleine.’
Ik voelde ons bijzonder en ik verheugde mij erg op zijn bezoek. Ik kocht mij zelfs een stel kop en schotels zodat hij waardig koffie kon drinken. Mijn Opa kwam en zag, omhelsde mij stevig en fluisterde;
‘Ik vergeet nooit hoeveel pijn jouw Oma Riekje had bij alle bevallingen. En ik vind het ontzettend knap dat ook jij dit hebt gedaan.’’
Hij nam zijn achterkleinzoon in de armen en floot kanarieliedjes voor de baby, die met grote bruine ogen scheel omhoog staarde.
Na een uur was mijn bonpapa duidelijk vermoeid en ik nam mijn zoon over.
Hij stond moeizaam op, zuchtte eens diep en taste in zijn plastic reistas.
Ik glimlachte, tot tranen geroerd, want sinds jaar en dag bracht hij ons bij elk bezoek sinaasappels en koetjesrepen.
Ditmaal echter haalde hij een grote enveloppe tevoorschijn die hij quasi plechtig overhandigde;
‘Je bent nu een jonge moeder die bij moet komen. Riek kon dat toen niet. Rood vlees meisje, rood vlees.’
Ik kon hem zo een twee drie niet volgen en keek hem vragend aan.
‘Jij eet vanaf nu totdat jouw zoon zes maanden oud is elke week drie keer biefstuk of rosbief.’
Daarna ging hij zitten en floot naar het plafond.
De baby krijste om aandacht en ik kon slechts een kus op het voorhoofd van mijn Opa drukken.
Zes maanden lang, kwam er elke maand een enveloppe mét brief van Bonpapa.
En al die maanden at ik braaf de beste rosbief en biefstuk die ik kon vinden.
Ik heb de traditie na zijn overlijden voortgezet en bakte na de geboorte van mijn andere drie kinderen iedere week een flinke lap vlees.
En als ik nu bij een slager sta en mijzelf een aanbieding kan veroorloven fluister ik voor me uit;
‘Rood vlees, meisje, rood vlees.’
Mooi hè! Zum kotzen zo fraai! 

Top